:: wikimiki.org ::
| Tuinwolfsmelk |
Tuinwolfsmelk__NOTOC__
Tuinwolfsmelk (Euphorbia peplus) is een plant uit de wolfsmelkfamilie (Euphorbiaceae). Hij komt voor op zowel bebouwde als braakliggende grond. Het is een lichtgroene plant met een hoogte van 10 tot 30 cm.
Kenmerken
De bloem heeft halvemaanvormige klieren en slanke horens.
Tuinwolfsmelk groeit in schermen met drie stralen. Elke straal is nog eens in tweeën vertakt. De schutbladen onder de bloempjes lijken net normale blaadjes. De plant bloeit van mei tot oktober.
De bladeren zijn omgekeerd eirond, gesteeld en hebben een gave rand.
Tuinwolfsmelk heeft kluisvruchten met smalle vleugels op elk segment. De zaadjes zijn bleekgrijs.
Galerij
180px
147px
categorie:Plant
Planten
De planten (Plantae) zijn een rijk in het domein der eukaryoten (Eukaryota). De wetenschappelijke discipline plantkunde houdt zich bezig met de studie van het plantenrijk.
Planten treden vaak in karakteristieke groepen, de zogenaamde plantengemeenschappen op.
De opbouw van een typische plant is meestal bovengronds een of meer stengels met bladeren (en met tot bloemen omgevormde bladeren) en ondergronds wortels. Hierop bestaan echter vele variaties. Zo leeft darmwier bijvoorbeeld totaal anders.
Historisch gezien is de definitie van de planten aan verandering onderhevig geweest. Zo worden vandaag de dag de fotosynthese bedrijvende prokayoten zoals bijvoorbeeld de blauwalgen (cyanobacteriën) niet meer tot de planten gerekend. Dit geldt ook voor een hele reeks protistensoorten, bijvoorbeeld de roodalgen of de bruinalgen. Ook de schimmels werden oorspronkelijk tot de planten gerekend, alhoewel recentere onderzoeksresultaten hebben aangetoond dat ze meer aan de dieren verwant zijn. De schimmels worden nu in een eigen rijk ingedeeld: Fungi.
Vandaag volgt men in de biologie bijna uitsluitend het fylogenetisch systeem dat de planten aan de hand van hun afstamming systematisch indeelt. Daarnaast gelden alleen de groenalgen (Chlorophyta) naast de landplanten (Embryophyta) als echte planten. Al deze organismen bevatten bladgroen a (chlorofyl a) en bladgroen b en slaan fotosynthetisch geproduceerde suikers in de vorm van zetmeel op in de bladgroenkorrels. De celwanden van deze organismen bestaan uit cellulose.
Taxonomie
In de taxonomie worden verschillende indelingen gebruikt, die regelmatig ook nog worden aangepast. Hier wordt een poging gedaan om het een en ander te verduidelijken. Inmiddels zijn er door de invloed van chloroplast-DNA-analyse ook weer nieuwere indelingen in de wereld in gebruik (zie hiervoor bijvoorbeeld de Engelstalige Wikipedia pagina dicotyledon).
Cronquist publiceerde in 1981 een in brede kring erkende indeling, het Cronquist-systeem. In de negentiger jaren is door de Angiosperm Phylogeny Group een geheel nieuwe indeling gepubliceerd (zie ook het boek van W.S. Judd en anderen), gebaseerd op chloroplast-DNA. De nieuwste indeling is APG II (2003): dit wordt in de Nederlandstalige Wikipedia gebruikt.
Een lijst van verschillende taxonomische indelingen
- De indeling genoemd in de Heukels’ Flora 1996 gaat uit van Cronquist en gebruikt de naam Magnoliopsida voor Angiospermae of Anthophyta, terwijl de onderklassen vervangen zijn door superorden.
- Flora van België, het Groothertogdom Luxemburg, Noord-Frankrijk en de aangrenzende gebieden gaat uit van de bloemplanten (Anthophyta), en plaatst deze in de zaadplanten (Spermatophyta).
- APG II 2003 of APG II. De nieuwste indeling, die in 2003 gepubliceerd is en grotendeels gebaseerd op chloroplast-DNA : "An update of the Angiosperm Phylogeny Group classification for the orders and families of flowering plants: APG II." Botanical Journal of the Linnean Society, 141, 399-436. [http://www.blackwell-synergy.com/links/doi/10.1046/j.1095-8339.2003.t01-1-00158.x/full/ Available online]. Waarschijnlijk nu de geautoriseerde bron voor de indeling van bloemplanten vanaf het niveau van familie en hoger.
De nomenclatuur van de hogere taxa kan licht tot verwarring leiden. De schade zal meevallen wanneer er beschrijvende namen gebruikt worden (zie Art 16 van de ICBN) zoals Spermatophyta (zaadplanten) en Angiospermae of Anthophyta (bedektzadigen oftewel bloemplanten), alsook Monocotyledones en Dicotyledones. Het is echter in de mode geraakt om een naam te gebruiken gebaseerd op een genusnaam, zoals Magnoliopsida, Magnoliidae. Het enige onderlinge verschil tussen deze namen is de uitgang (welke de rang aangeeft), en rang verandert met elke publicatie van wéér een systeem. Volgens Heukels zijn Magnoliopsida de bloemplanten (of bedektzadigen), volgens de flora van België zijn het echter de tweezaadlobbigen: dat is geen inhoudelijk verschil van inzicht maar alleen een (gering) verschil van opschrijven. Dergelijke namen zeggen dus alleen iets binnen een vooraf gedefinieerd (maar vluchtig) kader.
Indelingen
Compact
Een minder uitgebreide indeling is de onderstaande:
- Bryophyta (mossen)
- Tracheophyta (vaatplanten = alle planten behalve mossen)
- Filicineae (varens, sporeplanten)
- Spermatophyta (zaadplanten)
- Gymnospermae (uitwendig zaaddragende planten)
- Angiospermae of Anthophyta (inwendig zaaddragende planten oftewel bloemplanten)
Uitgebreid
Een uitgebreide indeling is:
- Afdeling: Mossen (Bryophyta)
- Onderafdeling: Levermossen (Hepaticae), bijv. Riccia (Watervorkje).
- Onderafdeling: Bladmossen (Musci), bijv. Sphagnum (Veenmos), Mnium (Sterremos).
- Afdeling: Varenachtigen (Pteridophyta)
- Onderafdeling: Wolfsklauwen (Lycopodiinae), bijv. Zwitsers mosvaren, Sigiullaria (schub- of zegelboom) †
- Onderafdeling: Paardenstaarten (Equisetinae), bijv. Calamites †, maar ook de paardenstaartenfamilie (Equisetaceae)
- Onderafdeling: Varens (Filicinae), bijv. Osmunda, Dryopteris (mannetjesvaren). Deze onderafdeling bevat o.a.:
- Aspidum-achtigen (Aspidiaceae)
- Streepvaren-achtigen (Asplenium), bijv. nestvaren
- Davallia-achtigen (Davalliaceae)
- Dubbeltjesvaren-achtigen (Sinopteridaceae), bijv. Pellaea
- Pteris-achtigen (Pteridaceae)
- Eikvaren-achtigen (Polypodiaceae), bijv. hertshoornvaren, Plebodium.
- Afdeling: Zaadplanten (Spermatophyta)
- Onderafdeling: Naaktzadigen (Gymnospermae)
- Klasse: Zaadvarens (Pteridospermae) †
- Klasse: Varenpalmen (Cycadophyta)
- Klasse: Benettiten (Bennettitae) †
- Klasse: Naaldbomen (Conifera)
- Onderafdeling: Bedektzadigen (Magnoliophyta oftewel Angiospermae)
- Klasse: Tweezaadlobbigen (Magnoliopsidae oftewel Dicotyledones)
- Onderklasse: Planten met losse bloembladeren (Choripetalae).
- Onderklasse: Planten met vergroeide bloembladeren (Sympetalae)
- Klasse: Eenzaadlobbigen (Liliopsida oftewel Monocotyledones)
Overzicht indelingen van de levende wezens
Externe links
- [http://www.itis.usda.gov/ Taxonomisch informatiesysteem]
- [http://www.kulak.ac.be/nl/KULAKAlgemeen/Natuur/ Planten in België]
Plantae
ja:植物
ko:식물
ms:Tumbuhan
simple:Plant
th:พืช
zh-min-nan:Si̍t-bu̍t
Wolfsmelkfamilie
De wolfsmelkfamilie (Euphorbiaceae) is een familie van tweezaadlobbige planten. Het zijn meestal kruidachtige planten, maar in de tropen ook struiken, bomen en lianen. De familie komt op alle continenten voor (behalve Antarctica) van gematigde tot tropische gebieden.
De meeste soorten hebben melksap dat onder druk staat en bij beschadiging van de plant meteen uitvloeit. Het sap is meestal sterk tot dodelijk giftig en dient voor de plant als wondafdekking en bescherming tegen vraat. Vertegenwoordigers van deze familie in droge gebieden hebben een soortgelijke ontwikkeling ondergaan als de cactusfamilie: ze zijn succulent (slaan water op) en hebben doornen.
De familie heeft een aantal economisch belangrijke soorten: de wortels van de maniok (Manihot esculenta) leveren cassavemeel, uit de rubberboom (Hevea brasiliensis) wordt rubber getapt. De bonen van de wonderboom (Ricinus communis) leveren wonderolie en het uiterst giftige ricine. Veel soorten worden als sierplant gebruikt, bijvoorbeeld de Kerstster (Euphorbia pulcherrima).
Geslachten
In Nederland komen de volgende geslachten voor:
- Bingelkruid (Mercurialis)
- Soort: Bosbingelkruid (Mercurialis perennis)
- Soort: Eenjarig bingelkruid (Mercurialis annua)
- Ricinus
- Wolfsmelk (Euphorbia)
- Soort: Amandelwolfsmelk (Euphorbia amygdaloides)
- Soort: Kleurige wolfsmelk (Euphorbia polychroma)
- Soort: Kroontjeskruid (Euphorbia helioscopia)
- Soort: Tuinwolfsmelk (Euphorbia peplus)
De familie telt bijna 6000 soorten in meer dan 200 geslachten, waarvan de voornaamste zijn:
- Acalypha
- Cnidosculus
- Croton
- Dalechampia
- Jatropha
- Mabea
- Macaranga
- Mallotus
- Manihot
- Tragia
De wolfsmelkfamilie werd in het oudere Cronquist-systeem ondergebracht in de orde Euphorbiales. In de APG II classificatie is de familie verplaatst naar de Malpighiales.
Categorie:Malpighiales
Categorie:Plantenfamilie
Categorie:Gifplant
ja:トウダイグサ科
KlierEen klier is een weefsel dat het produceren of transporteren van bepaalde stoffen als doel heeft. Klieren worden onderscheiden in klieren met interne secretie (endocrien) en klieren met externe secretie (exocrien).
Voorbeelden zijn:
- Interne secretie:
- Lymfeklieren verzorgen onder andere de circulatie en afgifte van vocht.
- De alvleesklier produceert insuline, een hormoon dat o.a. zorgt voor de regeling van de suikerspiegel in het bloed.
- Schildklier
- Een kleine maar belangrijke en gecompliceerde klier is wel de hypofyse, gelegen in de hersenen. Deze klier produceert een scala aan hormonen die veel veranderingen in het lichaam regelt. Zelfs de menselijke stemming hangt deels af van de stoffen die deze klier produceert, of juist niet.
- Kliercellen bij planten die etherische olie produceren.
- Externe secretie:
- Speekselklieren liggen in de mond en produceren speeksel.
- Zweetklieren liggen in de huid en produceren zweet.
- Traanklieren bevinden zich in de ooghoeken en produceren traanvocht.
- Klierharen bij planten.
----
"Klier!" wordt soms gebruikt als scheldwoord, synoniem aan bijvoorbeeld 'etterbak', maar klinkt minder grof.
Categorie:Fysiologie
Kluisvrucht]
Een kluisvrucht is een droge vrucht met één zaad per vrucht (hokje), waarvan de vruchtwand niet verhout of leerachtig is.
Er zijn verschillende vormen van een kluisvrucht:
- Driekluizig (Amandelwolfsmelk)
- Vijfkluizig (Ooievaarsbek)
Categorie:Plantenmorfologie
Categorie:Plant
Categorie:Organisme
Categorie:Plantkunde
ja:Category:植物
ko:분류:식물
th:Category:พืช
Don McKinnonThe Right Honourable Donald Charles McKinnon (born February 27, 1939) is a former Deputy Prime Minister and Minister of Foreign Affairs of New Zealand. He is currently Secretary-General of the Commonwealth.
Early life
McKinnon was born in London, but to New Zealand parents. He was educated at Nelson College and in Washington, D.C before eventually undertaking study at Lincoln Agricultural College, New Zealand. After leaving university, he became a farm manager, and later a farm management consultant. In 1974, he became a real estate agent. In his spare time, he also worked as a rehabilitation tutor in prisons.
New Zealand politics
In the elections of 1969 and 1972, McKinnon stood unsuccessfully as the National Party's candidate in the Birkenhead electorate, having previously served on two of the party's electorate committees. In the election of 1978, McKinnon won the newly established seat of Albany, which covered much of the same area.
In 1980, McKinnon was made the government's junior Whip. Two years later, he was made senior Whip. When Prime Minister Robert Muldoon called the snap election of 1984, and was defeated by David Lange's New Zealand Labour Party, McKinnon remained senior Whip for his party in Opposition. In September 1987, he became deputy leader of the National Party.
When National, then led by Jim Bolger, won the 1990 elections, McKinnon became Deputy Prime Minister. He also became Minister of Foreign Affairs and Trade and Minister of Pacific Island Affairs. During his tenure in this latter role, he oversaw New Zealand's election to the UN Security Council, increased activity in the Commonwealth of Nations, and attempts to broker a truce on the island of Bougainville. He was received recognition as a result of the Bougainville negotiations.
In 1996, the National Party required the support of the New Zealand First party to form a government, and part of the coalition agreement gave the office of Deputy Prime Minister to New Zealand First leader Winston Peters. McKinnon kept his role as Minister of Foreign Affairs, however, and also became Minister for Disarmament and Arms Control. When the coalition with New Zealand First collapsed, McKinnon did not resume the Deputy Prime Minister's role (this being taken up by Wyatt Creech), although he did gain the minor responsibility of Minister in Charge of War Pensions. McKinnon retired from parliament shortly after the 1999 elections.
Secretary-General of the Commonwealth
During his time as New Zealand's Minister of Foreign Affairs, McKinnon had been highly involved with the Commonwealth. At the Commonwealth Heads of Government Meeting in Durban in November 1999, he was elected to the office of Secretary General. Since that time, he has had to deal with issues such as Zimbabwe's Robert Mugabe and George Speight's attempted nationalist coup in Fiji. McKinnon has also placed an emphasis on supporting "good governance".
In late 2003, New Zealand media reported that Zimbabwe was attempting to gather support from other Commonwealth members to remove McKinnon from the office of Secretary-General, presumably in retaliation for McKinnon's views about the issue of Zimbabwean democracy. The government of Zimbabwe denied that it was making any such efforts.
At the Commonwealth Heads of Government Meeting opening in Nigeria on December 5, McKinnon was challenged for the position of Secretary-General by Lakshman Kadirgamar, a former Foreign Minister of Sri Lanka. However, McKinnon defeated Kadirgamar in a vote reported to be 40-11 in McKinnon's favour. McKinnon will therefore serve a second term.
Comments in a speach to the CHOGM metting in Malta in November 2005 caused controversy when he appeared to say economic development and free trade are more important than democracy.
External links
- http://news.bbc.co.uk/1/hi/world/asia-pacific/1842642.stm
McKinnon, Don McKinnon, Don McKinnon, Don McKinnon, Don McKinnon, Don McKinnon, Don
McKinnon
best online casino Saint Tropez hotels liczniki Jamnik Jamniki Zoja Sepsa
|
|
|
| :: RELATED NEWS :: |
Prefectura de Nagasaki
La Prefectura de Nagasaki (長崎県; Nagasaki-ken) está ubicada en la isla de Kyushu, Japón. La capital es la ciudad de Nagasaki.
Prefectura de Nagasaki (長崎県)
|
|
Idioma ainu
El idioma ainu (ainu: アイヌ イタㇰ, aynu itak; japonés: アイヌ語, ainu-go) es un idioma hablado por la etnia ainu en la isla japonesa de Hokkaido. Antiguamente se hablaba también en las Islas Kuriles, el norte de Honshu y la parte me
|
Territorios dependientes
Los territorios dependientes son territorios que por diversas razones no gozan de los privilegios de total independencia o soberanía y, por ende, son gobernadas por otros estados, llamados también como metrópolis. Muchos de ellos pueden ser denominados como colonias
Existen diversos niveles de dependencia. Así existen territorios completamente deshabitados a grandes ciudade
|
James Knox Polk
James Knox Polk (2 de noviembre de 1795 - 15 de junio de 1849) fue el décimo primer Presidente de los Estados Unidos (1845-1849).
Fomentó la expansión hacia el Oeste. Reivindicó Oregón, firmando con Ingl
|
Andrew Johnson
| | |